Categorie archief: Nederlands in Veliko Tarnovo

Aardrijkskunde van Bulgarije

Eerstejaars studente Yoana Stoyanova schrijft over de aardrijkskunde, het klimaat en sommige interessante steden van Bulgarije.

Bulgarije

Bulgarije ligt in Oost-Europa. Het grenst in het noorden aan de Donau en Roemenië, in het noordwesten aan Servië en in het zuidwesten aan Macedonië. Het grenst in het zuiden aan Griekenland en in het zuidoosten aan Turkije. Het land ligt aan de Zwarte Zee.
In Bulgarije heerst een landklimaat met warme zomers en koude winters. Noord-Bulgarije heeft een echt landklimaat met snikhete zomers en ijskoude winters. Ten zuiden van het Balkangebergte heerst een mediterraanklimaat. De gemiddelde temperatuur in het binnenland ligt rond de 24 graden. Bulgarije heeft alle vier seizoenen.
Bulgarije bestaat voor 31,5% uit laagland, 41% uit heuvels en 27,5% uit bergen. In het land zijn er veel steden en dorpen die interessant om te bezoeken zijn. Plovdiv bijvoorbeeld is een stad waar je veel oude huizen en een oud amfitheater kan zien. Een andere interessante stad is Svisjtov. Hij is kleiner dan Plovdiv en is één van de bekendste steden in Bulgarije. De stad is bekend als de geboorteplaats van Aleko Konstantinov. Daar is ook het meesterwerk van Kolyo Ficheto te zien – de kerk “Heilige Drievuldigheid” , die één van de meest opvallende voorbeelden is van de architectuur van de Bulgaarse wedergeboorte.Er is ook een oud dorp vlakbij Svisjtov – Nove (Novae). Het ligt vier kilometer ten oosten van Svisjtov. Het is een antiek dorpje dat door het Romeinse Rijk was gebouwd.

FacebookGoogle+

100 studenten, 30 landen, 1 taal: Nederlands

Vierdejaars studente Veselka Marinova heeft in 2015 de Zomercursus Nederlandse Taal en Cultuur in Zeist gevolgd. In haar tekst schrijft ze over de cursus zelf en haar indrukken.

4611887

Over de zomercursussen in Nederland en België zijn mijn studiegenoten en ik via onze docenten te weten gekomen. Ze stelden ons ervan op de hoogte hoe we ons konden aanmelden. Dit gaat via de website van de Taalunie, waar je een aanmeldingsformulier moet invullen. Op die manier wordt je inschrijving geregistreerd. Je moet ook op de vraag antwoorden of je over een Certificaat Nederlands als Vreemde Taal (CNaVT) beschikt en als dat het geval is, voor welk profiel je bent geslaagd. Volgens mij was dat een groot voordeel voor mij in tegenstelling tot de andere kandidaten, want ik heb er een. In februari nemen medewerkers van de Taalunie contact op met onze docenten en op basis van hun advies worden de kandidaten al dan niet geselecteerd. Als je toegelaten wordt tot de cursus, krijg je in mei een link naar een digitale niveautoets. Dit is eigenlijk een toets ter bepaling van het taalniveau van de cursist zodat je in de ideale groep kan worden geplaatst. De online-toets bestaat uit 3 onderdelen: taal in gebruik (woordenschat, spelling en grammatica), lezen en luisteren. De eerste dag van de cursus word je spreekvaardigheid nog getoetst. Op basis van de resultaten van beide toetsen kom je in de meest passende groep terecht. En dan begint de avontuurlijke vakantie, oh, ik bedoel de cursus.

De plaats van de cursus was het Woudschoten Hotel & Conferentiecentrum in Zeist, dat echter meer op een kasteel in een bosrijk gebied leek. Daar logeerden we, de deelnemers, 97 studenten uit 31 verschillende landen. Uit Zweden, Zuid-Afrika, de Verenigde Staten, China, India, Indonesië, Rusland, Spanje, Polen, Portugal, Argentinië, Duitsland enz. Iedereen met een verschillende cultuurachtergrond, een verschillende religie, een verschillende levensstijl, maar het enige, wat ons verbond, was de Nederlandse taal. Het Nederlands was namelijk het enige communicatiemiddel tijdens deze drie geweldige weken. De vreemde taal was niet alleen een instrument voor communicatie, maar ook een noodzakelijkheid als je wilde zeggen wie je bent, wat je voelt en denkt.

Voor de gehele duur van de cursus waren we op basis van volpension te gast in het conferentiecentrum. Daar verbleven we in tweepersoonskamers. Mijn kamergenote kwam uit Rusland en tot nu toe zijn we heel goede vriendinnen. Nog bijna elke dag chatten we met elkaar, natuurlijk in het Nederlands. In het conferentiecentrum bevond zich ook een bibliotheek, waar je de bekendste woordenboeken en naslagwerken kon raadplegen. Romans van bekende schrijvers of dvd-films kon je ook lenen. Er was ook een kelderbar, waar we ons bijna elke avond amuseerden. We organiseerden ook een karaokeavond die heel interessant was, omdat we in het Nederlands moesten zingen.

En nu over de lessen. Nee, eerst over de docenten. Deze mensen waren superleuk! Ze waren niet alleen onze docenten, maar ook onze vrienden. Ze ontwikkelden het lesprogramma zodat het Nederlands optimaal gebruikt kon worden. Elke dag hadden we lessen die in 13 verschillende thema’s waren verdeeld, elk belangwekkend op zich. Elke dag kregen we ook huiswerk, maar we deden het graag. Bijvoorbeeld moesten we gezegden verzinnen, essays schrijven of over onze nationale helden vertellen. Zo vernamen veel mensen van Vasil Levski en van onze geschiedenis. Ze waren echt verbaasd en onthielden die naam heel goed. Tijdens de lessen speelden we ook spelletjes die met kunst waren verbonden. Iemand beschreef met een paar woorden een bepaald kunstwerk en iemand anders moest het raden en het op een velletje schetsen.

Voor de sluitavond heb ik een grappig gedicht over mijn docent geschreven, dat ik hem als cadeau gaf.

Hierna het gedichtje:

 

Siebren

 

Siebren, Siebren, onze docent,

hij is in Woudschoten tamelijk bekend

met zijn gitaar en met zijn tennis-talent,

met zijn glimlach zoals op dit moment.

 

Siebren, Siebren, die niet zo goed telt,

omdat hij de groepen moeilijk verdeelt,

hij probeert met vier, drie, vier,

en dan zegt ie: wiskunde is geen plezier!

 

Siebren, Siebren, die van spelletjes houdt,

hoewel hij is een beetje oud,

Hij maakt ook grapjes tijdens de les,

wat soms betekent pijnlijke stress.

 

Maar we lachen om zijn verhalen,

zodat hij die niet meer hoeft te herhalen.

In ander geval, als we zwijgen,

dan zullen we huiswerk krijgen.

 

Essay schrijven, of gedicht verzinnen,

zodat hij zijn kalmte kan herwinnen.

Ik hoop erop, dat hij dit grapje begrijpt,

zeker en vast, hij behoort tot groep vijf!

 

Naast de hoofdlessen hadden we ook keuzevakken. Alle deelnemers volgden het keuzevak waarvoor ze zich eerder hadden ingeschreven. Bij het keuzevak zat je niet in je gewone groep, maar zaten alle studenten door elkaar, ongeacht het taalniveau. Mijn eerste keuzevak was Conversatie, waarbij het accent op het verbeteren van de spreekvaardigheid lag. We oefenden formele en informele gesprekken. We letten niet alleen op woordkeuze, maar ook op spreeksnelheid, klemtoon en intonatie. Het tweede keuzevak was De vele kleuren van Nederland. We praatten veel over de diversiteit in de Nederlandse samenleving . En het laatste, maar het beste keuzevak was Vertalen op basis van het werk van een gastauteur. Het ging om de laatste roman van Kader Abdolah, die de derde week van de zomercursus een lezing gaf. Maar 9 studenten moesten in het bijzijn van de schrijver hun vertaling voorstellen, waaronder ook ikzelf. Iedereen moest in zijn eigen taal vertalen en voorlezen en als iemand in het publiek van dezelfde taalgroep zijn taal hoorde, moest hij opstaan. Tijdens mijn lezing stond niemand op, omdat ik de enige studente uit Bulgarije was. Dat wekte indruk op Kader Abdolah en hij vroeg, welke taal dat was. Toen deelde hij mee, dat hij onze taal heel mooi vond. Na de lezing kregen we een boek van Kader Abdolah, met handtekening. Wat een toffe ontmoeting!

Een keer per week hadden we ook andere lezingen met andere gastdocenten. De eerste week ging het over de watersnoodramp in Nederland. In mijn groep was ik de enige die zoveel over 1953 wist, en mijn docent was zelfs verbaasd.

Zo kregen we drie weken lang de gelegenheid om niet alleen ons gevorderd Nederlands bij te spijkeren volgens een uitgekiend lesprogramma, maar we hadden het ook over koetjes en kalfjes in het Nederlands: in de kantine, in de slaapkamer, in het centrum van Den Haag, op het fietspad naar Utrecht. O, ja: Op het terrein van Woudschoten zijn wandelroutes uitgezet. Er waren ook badmintonrackets beschikbaar en je kon er tafeltennissen. Dat was allemaal gratis. Er stonden ook 75 fietsen ter beschikking die we elke dag gebruikten. We hadden genoeg vrije tijd om Zeist en Utrecht zelf te kunnen ontdekken. Wie een vreemde taal leert, leert die pas echt als hij in het betreffende land is. Behalve Zeist en Utrecht bezochten we ook Amsterdam, Rotterdam, Leiden, Den Haag en de Hoge Veluwe. In Amsterdam maakten we een rondvaart door de grachten, wat eigenlijk een geweldige belevenis was. De rest van de dag besteedden we naar eigen keuze. Daarom had ik de gelegenheid om het Rijksmuseum te bezoeken. Dit is het grootste en belangrijkste museum in Nederland. Het biedt een overzicht van de Nederlandse kunst en geschiedenis. De collectie bestaat onder andere uit werken van 17e-eeuwse Nederlandse meesters als Rembrandt en Vermeer. De Nachtwacht van Rembrandt en Het melkmeisje van Vermeer waren echt indrukwekkend. In Rotterdam maakten we een rondwandeling en bezochten we het Natuurhistorisch museum. Daar mochten we het laboratorium  bekijken, dat in principe niet toegankelijk is voor andere bezoekers is. De kubushuizen en het symbool van Rotterdam, de Erasmusbrug, bezichtigden we ook. In Leiden zagen we de oudste universiteit in Nederland, maar konden we niet naar binnen, omdat het zondag was. In Den Haag was er een rondleiding door het Binnenhof georganiseerd. Daar bezochten we de Ridderzaal, waar jaarlijks de troonrede door de Koning wordt uitgesproken. We waren ook in de plenaire zaal van de Tweede Kamer, waar we een discussie over de verschillende partijen voerden. In Den Haag heb ik ook haring geproefd wat verrassend lekker was. Het weer was alleen verschrikkelijk, regen en storm. De top was, toen mijn vrienden en ik in de stad verdwaalden. Toen moesten we het treinstation zelf zoeken en alleen met de trein terug naar Zeist. Tijdens de rit was er een mens aangereden en kon de trein niet verder rijden, dus waren we na 8 uren pas in Woudschoten. Dat was een onvergetelijke dag.

Het Nationale Park De Hoge Veluwe maakte een positieve indruk op ons, hoewel het weer opnieuw slecht was. Behalve de rondleiding door het museum, kregen we ook interessante achtergrondinformatie over de bekendste schilderijen en hun makers waaronder Vincent van Gogh, Pablo Picasso en Piet Mondriaan. Aan de andere kant was de beeldentuin niet zo’n succes. De ongewone vormen van de beelden verhoogden onze nieuwsgierigheid, maar vanwege de regen was het moeilijk om de beelden ten volle te waarderen. Daarom bedachten we een grapje: Dit weekend 30 graden in Zeist, 15 op zaterdag, 15 op zondag.

Tot slot roep ik alle studenten Nederlands op om aan een zomercursus deel te nemen, want jullie zullen er heel veel van profiteren. Tijdens een zomercursus verbeter je je taalvaardigheid en krijg je talloze mogelijkheden om de Nederlandse cultuur te leren kennen. Als je zo’n ervaring op het gebied van taal en cultuur opdoet, dan vergroot je je kansen op de arbeidsmarkt in je eigen land in tegenstelling tot andere studenten die geen zomercursus hebben gevolgd. Je leert ook veel dingen van mensen uit de hele wereld. Ten eerste, beter naar de anderen luisteren en duidelijker praten. Ten tweede, als je tijdens een maand alleen in het Nederlands met andere mensen spreekt, leer je nieuwe woorden, nieuwe uitdrukkingen, verbeter je je uitspraak en begin je in het Nederlands te denken. Ten derde zijn de cultuurverschillen heel leerzaam. Je probeert de anderen te accepteren en dat alles leidt eigenlijk tot een betere multiculturele samenleving.

Onthoud de woorden meerwaarde en vriendschap goed, omdat ze allebei deze belevenis en ervaring omschrijven.

Beste studenten, just do it!

FacebookGoogle+

Jip en Janneke in Bulgarije

Eerstejaars studente Joana Stoyanova schreef een kort verhaaltje bij een tekening van Jip en Janneke door Fiep Westendorp. Haar tekst is geïnspireerd door de Jip en Janneke verhalen van Annie M. G. Schmidt die we in de lessen hebben gelezen. Een mooi resultaat na een semester hard werken!

De brief

Jip en Janneke vinden een brief vlakbij hun huis. Ze vinden de brief interessant en ze openen hem. In de brief zien ze dat hij voor een vrouw is. Haar naam is Maria en zij woont in de Limestraat. jip-jannekeJip en Janneke willen de brief teruggeven. Maar ze weten niet waar de Limestraat is. Omdat ze dat niet weten, gaan ze naar een postkantoor. Daar zeggen ze dat ze een brief hebben gevonden. En ze willen hem teruggeven. Een man die daar werkt, zegt dat hij de brief aan Maria zal sturen. Na één week belt Maria de moeder van Jip en Janneke. Zij zegt dat zij voor haar brief wil bedanken. Maria heeft cadeautjes voor Jip en Janneke en zij wil die aan hun geven. De moeder van Jip en Janneke denkt dat het een goed idee is. Later gaat Maria naar het huis van Jip en Janneke. Zij geeft ze hun cadeautjes en bedankt voor haar brief. Nu weten Jip en Janneke dat het goed is om goede dingen te doen.

FacebookGoogle+

COMENIUS ZOMERCURSUS 2015

Gergana Georgieva en Seleytin Mustafov zijn derdejaarsstudenten in de opleiding Toegepaste Taalkunde aan de universiteit in Veliko Tarnovo. Deze zomer hebben zij aan de Comenius Zomercursus te Boedapest (Hongarije) deelgenomen. Hun medestudente Anna Rusheva praatte met hen over hun belevenissen daar.

Comenius

A.R: Hoe ben je te weten komen over deze zomercursus?

G.G: Ik heb met mijn docenten daarover gesproken en de cursus was op een niveau dat in overeenstemming met mijn taalkennis was.

S.M: Ik wist dat er zulke cursussen in Nederland en België zijn, maar ik wist niet dat er ook een zomercursus voor de landen uit de regio Midden- en Oost-Europa wordt georganiseerd. Onze docent Nikolay Popov stelde ons op de hoogte van de Comenius Zomercursus 2015 en zei dat we er ons aan konden melden, indien we interesse hebben. Lees verder

FacebookGoogle+

Erasmus in Antwerpen

Zopas werd door onze universiteit en de KU Leuven (campus Antwerpen) een contract ondertekend om een Erasmus-uitwisseling te organiseren. Dat betekent dat er het tweede semester van volgend academiejaar (2015-2016) al twee van onze studenten op erasmus in Antwerpen kunnen gaan!

Het departement Toegepaste Taalkunde is gevestigd in hartje Antwerpen. Op die Campus worden de volgende opleidingen georganiseerd: Vertalen, Tolken, Meertalige Communicatie en Journalistiek. Als student in de vertaalopleiding is deze talencampus dus een ideale bestemming!

Ben je benieuwd om te weten welke vakken je in Antwerpen kan volgen? Vertaal- en Tolkwetenschap, Nederlandse Literatuur en Cultuur, Nederlandse Taalkunde, dat zijn slechts enkele voorbeelden.  Klik hier voor het volledige overzicht van het lessenpakket, waaruit je je keuze kan maken. De vakken die je kiest moeten uiteraard aansluiten bij de lessen van het studieprogramma in Veliko Tarnovo.

Wil je je kandidaat stellen? Neem dan tijdig contact op met een van de docenten. Alle de nodige documenten moeten voor 1 oktober 2015 naar de KU Leuven verstuurd zijn. Het international office en de docenten Neerlandistiek zullen je helpen bij de aanvraag en de keuze van de vakken.

Lees verder

FacebookGoogle+

De triomfboog van het Jubelpark

Eén van mijn favoriete plekken in Brussel is het Jubelpark met zijn indrukwekkende triomfboog. Ik ben er  vaak bovenop geweest en je hebt er een heel mooi uitzicht. Het park is vlakbij het Europees Parlement.

Die triomfboog heeft een heel interessante geschiedenis. Koning Leopold II, die ook „koning-architect” werd genoemd, wilde in het veld dat als de Linthoutvlakte bekend stond een speciale triomfboog bouwen, zoals die in Parijs, voor de vijftigste verjaardag van het onafhankelijk België. In 1872 bereidde de architect Gédéon Bordiau de eerste plannen van het gebouw voor. Hij tekende een boog in Romeinse stijl en twee lange tentoonstellingshallen die door het South-Kessington museum in Londen waren geïnspireerd.

De bouw was heel moeilijk en in 1880 was er alleen nog maar een constructie uit gips en hout. De echte bouw begon in 1890. Maar Gédéon Bordiau was heel ziek en werd door de Franse architect Charles Girault opgevolgd. Girault is voor zijn werk aan de Petit Paleis in Parijs bekend. Hij veranderde het plan en maakte drie doorgangen in de triomfboog, niet éen, zoals Bordiau had gepland.

De triomfboog was klaar in 1905, dus 25 jaren na het begin van de bouw, voor de 75e verjaardag van de onafhankelijkheid. Bovenop werden er beelden van Apollo en Mercurius en ook het Belgische wapenschild geplaatst.

Vandaag zijn het Jubelpark en de triomfboog een plaats voor ontspanning en cultuur. In het park zijn er enkele fonteinen, de Grote Moskee van Brussel en het Koninklijk Instituut voor het Kunstpatrimonium. De twee hallen huisvesten drie musea: het Koninklijk Museum van het Leger en de Krijgsgeschiedenis, Autoworld en de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis.

FacebookGoogle+

Ons Kookboek – na de bijbel het meest verkochte boek

Voor degenen die het niet kennen, kan het prestige van dit boek een beetje overdreven voorkomen, maar het wordt inderdaad als de bijbel van de Vlaamse kookboeken gezien. Soms kan je ook horen dat Ons Kookboek de moeder is van de kookboeken in Vlaanderen. De eerste druk van het boek gebeurde in 1927 en sindsdien zijn er 2,5 miljoen exemplaren verkocht. Dit zorgt ervoor dat deze “keukenhulp” het meest verkochte Vlaamse kookboek is.

Voor het eerst verscheen het boek als een handleiding bij de cursus Koken en voeding van de Boerinnenbond (Katholiek Vormingswerk van Landelijke Vrouwen). Het was 158 pagina’s lang en bevatte recepten van producten die men op het boerenland verbouwde. Tot de dag van vandaag is het boek uitgegroeid tot een erg groot kookboek van ruim duizend pagina’s waarin je nog steeds informatie over de producten van deze tijd kan vinden.

De laatste, d.w.z. de nieuwste editie van het boek werd in 2014 gepubliceerd. Daarin kan je je over nieuwe producten, tendensen en kooktechnieken informeren. Alle recepten zijn opnieuw geschreven, zodat ze zo actueel mogelijk kunnen zijn. Bovendien biedt het boek nieuwe en interessante recepten aan, niet alleen voor het gewone koken, maar ook voor de vegetarische en de vegane keuken. De grote “kookbijbel” beschikt over 1892 recepten (beelden inclusief) die omvatten alle gerechten van de dagelijkse tot de gastronomische keuken.

“Ons kookboek” kan je helaas alleen in België krijgen. Geen paniek! Er bestaat ook een mogelijkheid voor degenen die nog geen bezoek in Vlaanderen hebben gepland. Op de webpagina www.onskookboek.be heb je toegang tot een enorme hoeveelheid recepten. Elk recept gaat gepaard met een mooie foto van het klare gerecht en vertelt zowel over de nodige producten als over kooktechnieken en tips rondom de voorbereiding.

Kijk nu naar de pagina en begin te watertanden bij de aanblik van alle lekkere aanbiedingen! Ben je al hongerig?

FacebookGoogle+

Veliko Tarnovo mag deze zomer vijf studenten op cursus sturen

Tweedejaars en vierdejaars in gesprek

Merin Dzhemalova nam vorig jaar in het Nederlandse Zeist deel aan de zomercurus Nederlands van de Nederlandse Taalunie. Anna Rusheva sprak met haar over haar belevenissen daar. Voor de vijf studenten die deze zomer vertrekken, licht Merin alvast een tipje van de sluier.

Anna: Hoe werkt dat? Kan je ons een beetje informatie geven?
Merin: ‘Je moet je eerst aanmelden via de website van de Taalunie en dan krijg je een brief dat je ingeschreven bent. Daarna in februari nemen ze contact op met de docenten hier en vragen informatie over de studenten.’

‘Daarna in april moet je een online test doen om je niveau te bepalen en daarna als je in Nederland of België bent, heb je een mondeling gesprek met jouw docenten, om nog een keer je niveau te bepalen.’

Anna: En wat doe je daar precies tijdens de cursus?
Merin: ‘De cursus duurt drie weken en we zijn met dertig deelnemers. We worden in verschillende groepen verdeeld en hebben een boek met verschillende oefeningen en verschillende onderwerpen. We hebben tot 12 uur les en daarna lunchen we. Dan hebben we een lezing of kijken we een film of gaan we een andere stad bezoeken.’

Anna: Hoeveel studenten van onze universiteit kunnen deelnemen?
Merin: ‘Voor alle Bulgaarse studenten is er alleen maar één plaats in Nederland en één plaats in België. Ik heb iedereen geadviseerd te gaan! Dit jaar hebben ze een uitzondering gemaakt, want ik mag een tweede keer op cursus. We gaan dus met drie studenten op cursus in plaats van twee, wat eigenlijk het maximum was.

Deze zomer vertrekken vijf van onze studenten op zomercursus Nederlands. Veselka Marinova zal te gast zijn in Zeist (cursus Nederlandse Taalunie). Merin Dzhemalova en Svetoslava Petkova nemen deel aan de zomercursus in Gent (cursus Nederlandse Taalunie). Seleytin Dzhelilov en Gergana Georgieva zullen in Boedapest aan de Comenius zomercursus deelnemen. Wij kijken alvast uit naar hun leerrijke ervaringen daar!

FacebookGoogle+